Bouwbesluit voor de Smart City: bestaande regels + afwegingsruimte = onderbouwd debat


Stel, morgen staat Google op de stoep van uw gemeentehuis met een tool die de beheerders van de stad of het nou hulpdiensten zijn of de beheerders van de openbare ruimte, helpt om steden beter te maken. Soort Google-Assistant (of Siri of Alexa) voor de stad. Reuze handig. En ook nog eens gratis. Welke vragen stel je dan als gemeentebestuurder? Of als diens directe ambtelijk adviseur? Hoe weet je waar je op moet letten? Wat wil je eigenlijk? Wat zijn je normen en waarden?

Om die afweging gemakkelijker te maken ontwikkelt de Future City Foundation momenteel het Bouwbesluit voor de Smart City. Een boekje waarin we geen regels stellen, maar verzamelen. En we geven de voor bandbreedte aan. We zeggen wat gemeenten zouden kunnen doen. Waarover het debat kan gaan. In november 2018 presenteren we de eerste versie tijdens de Smart City Expo in Barcelona en gaan we het testen in de praktijk. En is het gratis verkrijgbaar.

>>Denk en ontwerp mee aan het Bouwbesluit tijdens ons Ontwerpatelier op 31 mei <<

De vraag om dat te doen kwam niet vanuit de overheid, maar vanuit het bedrijfsleven. Toen een half jaar geleden de discussie over verborgen camera’s in reclameborden ontstond, sprak Heerd Jan Hoogeveen, bij de Economic Board Utrecht (EBU) verantwoordelijk voor het thema slimme stad, met een van zijn relaties. Waren het hun producten? Het antwoord dat hij kreeg was “nee”. Het bedrijf had de deal namelijk afgewezen omdat ze vonden dat dit veel te ver ging. Dat was moedig en lovenswaardig, om principes boven euro’s te stellen. Maar het wringt ook.

En daarom vroeg de EBU aan de Future City Foundation om samen met andere partners het ‘Bouwbesluit voor de Smart City’ te schrijven. Bouwbesluit, want dat woord geeft mooi aan dat een er een gelijk speelveld moet ontstaan voor toeleveranciers. En dat dat gelijke speelveld het politiek debat over de smart city eenvoudiger maakt en dat daardoor de burgers beter worden beschermd.

Publieke waarden
Voor de indeling van het Bouwbesluit voor de Smart City wordt uitgegaan van het door het Rathenau Instituut opgestelde rapport ‘Opwaarderen, Borgen van publieke waarden in de digitale samenleving’, waarin zeven digitale publieke waarden worden genoemd die zijn vertaald naar de stedelijke context. Per publieke waarde onderzoeken wij welke wetgeving al bestaat en welke bestuurlijke afwegingsruimte er mogelijk is voor het zowel het fysiek, sociaal als economisch domein.

Het Rathenau instituut onderscheidt daarbij veiligheid, privacy, autonomie, controle op technologie, rechtvaardigheid, machtsevenwicht en menselijke waardigheid. Om met veiligheid te beginnen, een kerntaak van de overheid, wethouders en raadsleden moet zich begrijpen hoe ze burgers, bedrijven en instellingen beschermen tegen misbruik via het internet. Maar hoe wordt die nu ingevuld? Zonder dat dan ten koste gaat van de privacy van de burgers. Want in hoeverre kunnen burgers nog onbespied en onbezorgd gebruik maken van de openbare ruimte? En een stap verder: mogen bedrijven of overheden burgers door de ruimte sturen zonder dat die burgers dat zelf doorhebben? Hoeveel autonomie hebben we? Bij al die vragen is het belangrijk dat inzicht te hebben in techniek. Weten bestuurders welke keuzen worden gemaakt door algoritmes? En hoe dat gebeurt? En weten we of de data waarmee de keuzes worden gemaakt, wel valide zijn? Dat leidt vanzelf tot de vraag of de smart city ook een rechtvaardige stad is. En of er wel voldoende machtsevenwicht bestaat tussen burgers aan de ene kant en bedrijven en overheden aan de andere kant. Is het eerlijk dat bedrijven en overheden alles over burgers weten en die burgers vrijwel niets over de bedrijven en overheden? Dat leidt allemaal tot de vraag hoe menselijke waardigheid is geborgd? Hoe efficiënt en perfect willen we leven? En is perfectie ook een goede basis voor welzijn op de langere termijn? Of hebben burgers ook recht op imperfectie, rommeligheid en verspilling in hun leefomgeving?

Van wetgeving naar afweging
Op een aantal van deze vragen bestaan al antwoorden. Privacy is bijvoorbeeld geregeld in de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). En algoritmes mogen niet discrimineren, lees artikel 1 van onze Grondwet er nog maar eens op na. In sommige gevallen is het lastiger, maar wordt al wel onderzoek gedaan. Zo heeft Geonovum de ‘Handreiking Spelregels Data Ingewonnen in de Openbare Ruimte’ opgesteld die antwoord geeft op issues rond veiligheid, privacy en autonomie. Amsterdam Smart City focust via het Tada-manifest meer op de zachtere waarden en maakt die hard. Of er wordt onderzoek naar gedaan, bijvoorbeeld in het Utrechtse medialab Setup dat automatische beslissingen door algoritmen onderzoekt.

Stap 1 in het Bouwbesluit voor de Smart City is het verzamelen van die bestaande regelgeving en inzichten. Daarvoor werken we nauw samen met de Anita Nijboer van Ekelmans & Meijer Advocaten. We gaan er daarbij vanuit dat er in veel gevallen al regelgeving bestaat of regelgeving kan worden doorvertaald. En waar dat niet zo is, moeten we de uitgangspunten voor regelgeving formuleren.

Vervolgens zoeken we naar de bestuurlijke afwegingsruimte voor gemeenten. In Nederland regelen we centraal wat moet en lokaal wat kan. Zo is het ruimtelijk beleid, zeker onder de omgevingswet, maar ook ons sociaal en economisch beleid ingericht. En dus kan er in de ene gemeente bewust worden gekozen voor meer privacy. En in de andere voor minder autonomie. De vraag is daarbij waar de grenzen liggen. Wat is veel en wat is weinig? En hoe meet je dat? Waar druk je het in uit? Daarover organiseren we het debat. Bijvoorbeeld op 31 mei tijdens het seminar dat we samen met ROmagazine organiseren. Tegelijkertijd onderzoeken we hoe het Bouwbesluit onderdeel kan worden opgenomen in de Omgevingswet. Mag bijvoorbeeld privacy worden vergeleken met milieuwaarden als fijnstof of met externe veiligheid? Daarom zijn we blij dat we ook gemeenten als partner hebben, want naast de gemeente Utrecht, doet ook Amersfoort mee als partner en denken ook de gemeenten Eindhoven en Hilversum mee over de invulling van het Bouwbesluit.

Debatverdieper
Zo komen we tot kennis en inzichten per publieke waarde. Daarbij zoeken we voorbeelden. En daarover gaan we in gesprek met wethouders, ambtenaren, ondernemers en andere burgers. We doen iets nieuws, dus hoe meer feedback we krijgen hoe beter. Het eindresultaat staat al wel vast: dat is een handzaam boekje dat het debat verdiept. En het is ook helder wanneer het gereed is, want de eerste versie van het Bouwbesluit presenteren we in november tijdens de Smart City Expo in Barcelona (dan is er dus ook een Engelstalige Building Code) en kunnen alle gemeenten gratis gebruik maken van ons Bouwbesluit.
En met die eerste versie gaan we aan de slag in de parktijk en testen we het Bouwbesluit voor de Smart City bij het opstellen van een bestemmingsplan. De uitkomsten uit die test gebruiken we om versie 2 te schrijven.

Wat we niet gaan doen is regels stellen. We verzamelen. We geven de bandbreedte aan. We zeggen wat gemeenten kunnen doen. Waarover het debat kan gaan. Maar we schrijven geen wetten of regels. Dat is aan politici.


Zo doet u mee
>> Het Bouwbesluit voor de Smart City komt tot stand door input en gesprek van tientallen mensen. Daaraan kunt u ook meedoen. Bijvoorbeeld op 31 mei tijdens het seminar dat we samen met ROmagazine organiseren. Of door hier uw feedback te geven.
>> En het komt tot stand dankzij partnerships met de Economic Board Utrecht, Ekelmans & Meijer Advocaten, en Gemeente Amersfoort.

Ook partner worden? Mail dan met jan-willem@future-city.nl