De vraag of ‘het goed gaat’ kent meer dan één antwoord


In het rapport ‘Kwaliteit en toekomst’ wordt mooi beschreven hoe politiek werkt. Het RIVM-onderzoek gaat over de vraag hoe wereldbeelden van burgers hun kijk op duurzaamheid beïnvloeden. En welke indicatoren daarbij van belang zijn. Dat is vervolgens objectief en meetbaar gemaakt. Dan blijkt dat door de ogen van de ene groep burgers meer is bereikt dan volgens de andere groep. En zo komt het RIVM tot de mooie zin: ‘De vraag of “het goed gaat” kent meer dan één antwoord.’ Nog mooier wordt het als die uitkomsten worden gekoppeld aan partijpolitieke voorkeuren. Er is, zo blijkt, niet één harde definitie van succes op het gebied op duurzaamheid. Het is juist zo dat mijn partij, het CDA, dat anders beoordeelt dan bijvoorbeeld GroenLinks. Dat is geen kwestie van goed of fout, maar van politieke identiteit.

Het rapport uit 2004 heeft mij geleerd hoe belangrijk de politiek is en hoe belangrijk het is om als partij je politieke identiteit door te vertalen naar hetgeen je doet. Er wordt vaak meewarig gezegd dat het niet uitmaakt welke partij je kiest. Dit rapport bewijst het tegendeel, het maakt wel degelijk uit. Of het nou gaat om lokale politiek of beslissingen op Europees niveau, als CDA-politicus kijk ik anders naar de wereld dan mijn collega’s van andere partijen.

Dat geldt dus ook voor de onderwerpen die in het boek van Future City Foundation worden beschreven. Er bestaat wel degelijk een christendemocratische visie op privacy of controle over technologie. Net zoals er een liberale of sociaaldemocratische visie op zal bestaan. Die visie komt uit wat Bas de Gaay Fortman zo mooi ons moreel erfgoed noemt. In het gelijknamige boek uit 2016 doelt hij daarmee op die onderdelen van onze publieke moraal die net zo Nederlands zijn als de molens bij Kinderdijk of de Hoge Veluwe. Moreel erfgoed gaat over de kern van ons waardenstelsel. Maar we moeten als partijen wel uitschrijven wat dat betekent voor de vragen die in het boek van Future City Foundation worden opgeroepen. Nieuwe ethische vragen, vragen om nieuwe antwoorden. Daar moeten met elkaar over in gesprek. Het heeft debat nodig om te groeien.

Ik maak me wel eens zorgen als ik merk dat door de waan van de dag dit soort gesprekken en debatten niet worden gevoerd. Ik kan het me natuurlijk heel goed voorstellen, ook ik word als wethouder soms geleefd, maar het zorgt voor politieke houtrot in het huis van Thorbecke. Het is onze taak, als politici, om een mening te hebben over de manier waarop technologisering en digitalisering het leven van de Nederlanders beïnvloedt. Die mening moeten we omzetten in beleid. En dat moet nu. Ik ben dan ook blij met dit boek, omdat het helpt dat debat vorm te geven.

Daarom roep ik mijn collega’s op dat debat te voeren. Binnen partijen, maar ook binnen raad en college. En wat mij betreft ook daarbuiten. Ik hou me van harte aanbevolen.

Willemien Vreugdenhil

Wethouder in Ede en voorzitter van de pijler Economie & Werk van het G40 Stedennetwerk

Deze column komt uit het boek Smart & Leefbaar, van de Future City Foundation. Wilt u meer lezen? Klik hier om het boek (gratis) te bestellen. Tot en met vrijdag 16 november verloten we elke dag drie papieren boeken onder de bestelde boeken (zowel digitale als papieren).